eureka

europarlementariër matthijs van miltenburg: nieuwe wet geeft boost aan grensoverschrijdende projecten

Verschillen tussen landen in regelgeving kunnen een obstakel worden bij de uitvoering van de ambities van een grensoverschrijdend programma zoals EurekaRail. Op Europees niveau ligt er nu een voorstel om deze administratieve dissonanten lokaal en projectspecifiek op te lossen: het Europese grensmechanisme. Als het aan D66 Europarlementariër Matthijs van Miltenburg ligt, kan een project er straks voor kiezen om de regelgeving van één van de buurlanden op (een deel van) het project toe te passen. Het voorstel ligt momenteel bij de Raad van de Europese Unie.

Waarom heb jij je opgeworpen als de rapporteur (hoofdonderhandelaar vanuit het Europees Parlement) voor dit voorstel? Van Miltenburg: “Grensvervaging is echt een D66 onderwerp, en het past bij mijn portefeuilles ‘Transport’ en ‘Regionale Ontwikkeling’ in het Europees Parlement. Op de achtergrond speelt mee dat ik in Brabant ben geboren en heb gewerkt en dus uit eigen ervaring weet hoe het is om in de grensstreek te wonen en te werken.”

Beperkte scope is de kracht van het voorstel

Wanneer je zou kijken in de stapel papier die nu bij de Raad op het bureau ligt, zie je dat de wet in het Engels het ‘cross-border mechanism‘ (Engelstalig) wordt genoemd. De kracht van het idee is de beperking in tijd en ruimte. Dat is ook meteen een verschil met de Benelux Unie, met besluiten die gelden op nationaal niveau. Van Miltenburg: “We gaan dus niet de wetten van één land voor altijd op het gehele buurland van toepassing verklaren.”

Gemaakt voor infraprojecten en diensten van algemeen economisch belang

Oorspronkelijk was het idee dat landen per grens zouden kiezen of ze bij grensproblemen dit mechanisme zouden gaan gebruiken. Van Miltenburg heeft aanpassingen gedaan waardoor er per project kan gekeken worden naar de beste manier om een oplossing te bieden. Door het wetsvoorstel op die manier te beperken, hopen Matthijs van Miltenburg en zijn team de zorgen over het voorstel die leven bij de ministers in de Raad weg te nemen. “In voorbereidende gesprekken merkten we dat landen voor hun soevereiniteit vreesden of het idee ongrondwettelijk vonden. Daarom hebben we ervoor gekozen het voorstel aan te passen.”

Het gaat alleen over infrastructurele projecten en projecten die te maken hebben met “diensten van algemeen economisch belang”. Diensten van algemeen economisch belang zijn basisdiensten, waarvoor toch betaald moet worden, zoals bijvoorbeeld de post of ziekenhuizen. Bij infrastructuur kun je denken aan rails maar ook aan digitale infrastructuur zoals kabels. We hebben het ook beperkt in ruimte: zo geldt het alleen voor regio’s kleiner dan een provincie maar groter dan een gemeente die aan een landsgrens liggen (NUTS3 ). Deze mogelijke nieuwe wet zou dus heel specifiek kunnen ingrijpen voor een klein, afgebakend grensoverschrijdend probleem. In het geval van de uitvoering van de ambities van EurekaRail zou je het bijvoorbeeld alleen kunnen laten gelden voor de spoorlijn tussen Maastricht en Luik.”

Obstakels weghalen om samen dingen te doen

Als EurekaRail hebben we te maken met verschillen in regelgeving rond de Drielandentrein Aken – Maastricht – Luik. Bijvoorbeeld bij de elektrificatie van het spoor tussen Landgraaf en Herzogenrath. Aan Duitse kant was hiervoor een inspraakronde verplicht, in Nederland niet. Met deze wet hadden de uitvoerende betrokken organisaties de mogelijkheid gehad om ervoor te kiezen om onze wetgeving van toepassing te verklaring op dat stukje spoor aan de Duitse kant van de grens, of andersom. Van Miltenburg: “Zo haal je de obstakels weg om samen dingen te doen.”

Goede wil is de basis

Gaat de wet werken als een van de projectpartijen het niet ziet zitten? “Nee,” zegt Van Miltenburg, “het grensmechanisme werkt alleen wanneer iedereen achter de samenwerking staat. Dan helpt het om te harmoniseren op kleine schaal. Ik geloof er heilig in dat nationale overheden, regionale overheden en lokale overheden een dergelijke wet alleen maar kunnen gaan inzetten als ze allemaal ook echt bereid zijn mee te werken. Dat is niet alleen belangrijk voor de uitvoering van de ambities van een programma als EurekaRail. Het is op het moment bijvoorbeeld zo dat in grensregio’s in de EU ambulances soms niet kunnen bijspringen bij een ramp vlak over de grens, omdat het ene land de zwaailichten oranje moeten zijn, en in het andere land blauw. Door het grensmechanisme kun je dan ervoor kiezen om bijvoorbeeld ambulances met zowel blauw als oranje licht te laten rijden in het kleine gebied aan de grens.”

Next steps

Hoe gaat het nu verder met het voorstel? Van Miltenburg: “nu het Europees Parlement het voorstel heeft goedgekeurd, hebben we in elk geval al bereikt dat de Raad erover moet praten. Wanneer dat gebeurt, weten we niet. Het voorzittende land van de Raad heeft daar het voortouw in. Namens het Parlement ga ik straks onderhandelen over de definitieve uitwerking van de wet. Wanneer de Raad het uiteindelijke voorstel goedkeurt, gaat het een jaar later in als wet. Die termijn hebben we gekozen zodat landen de tijd hebben om hun wetgeving erop aan te passen.”

Nieuw loket voor grensoverschrijdende projecten

“De uitwerking die er nu ligt is dat een grensoverschrijdend project een aanvraag indient bij een van de nieuw op te richten ‘cross-border coördinatiepunten’. Dit loket is verplicht binnen een bepaalde termijn een onderbouwde go of no-go te geven. Daartegen kan dan nog bezwaar worden gemaakt. Je kunt het ook zien als een middel waarmee de regio de nationale overheden kan dwingen om met elkaar te kijken hoe de obstakels voor de samenwerking het beste kunnen worden opgelost. Er hoort ook een database bij waarin de projecten goede voorbeelden gaan publiceren, zodat ze van elkaar kunnen leren en wij kunnen zien hoe de wet in de praktijk functioneert.”