eureka

aachen: in de periferie, en daardoor middenin de euregio

Eind 2018 krijgt Aachen een directe treinverbinding met Maastricht. We spraken met Monika Frohn en dr. Gunter Schaible van de IHK Aachen (Industrie- und Handelskammer Aachen) over de vraag welke betekenis treinverbindingen hebben voor de economie en grensoverschrijdende uitwisseling.

Dr. Gunter Schaible is samen met zijn Nederlandse collega Ardy Assink van de CCI Euregio Maas-Rijn en de Export Sociëteit Limburg verantwoordelijk voor de Duits-Nederlandse Businessclub. Deze Business Club biedt als grensoverschrijdend ondernemersforum vier keer per jaar een platform voor bedrijven uit de IHK-Bezirk Aachen en (Nederlands) Limburg. Deze ontmoetingen zijn bedoeld voor uit het grensgebied afkomstige vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven en andere sectoren om informatie en ervaringen uit te wisselen. De ontmoetingen vinden afwisselend in Duitsland en Nederland plaats. Sinds de oprichting van de Duits-Nederlandse Business Club in 2000 is het ledental gestaag gestegen tot de huidige 200 leden.

Wat is volgens u het belang van de directe treinverbinding met Maastricht (die eind dit jaar in gebruik wordt genomen) voor Aachen?

“Al ruim 15 jaar geleden heeft de IHK Aachen zich samen met de toenmalige KvK Zuid-Limburg en andere partners uit de Euregio Maas-Rijn (EMR) ingezet voor uitbreiding van het grensoverschrijdende treinverkeer. Deze twee kamers van koophandel ontwikkelden toen een visie met betrekking tot een ‘Euregio Circle Line’, een treinverbinding die de steden Aachen, Maastricht en Liège zonder overstappen met elkaar moest gaan verbinden. Het treinverkeer vormt uiteindelijk de ruggengraat voor verdere integratie van de Euregionale economische ruimte. Een dergelijke treinverbinding heeft een duidelijke ontsluitings- en verbindingsfunctie tussen de knooppunten van de EMR en de middelgrote centra (‘Mittelzentren’).

De trein speelt ook een belangrijke rol in het streekvervoer in de meer landelijke gebieden, en heeft een belangrijke aanvoerfunctie voor belangrijke verkeersknooppunten, zoals de hogesnelheidsstations in Aachen en Liège. Bij nieuwe plannen moet er ook goed gekeken worden naar de treinverbinding met de luchthavens van Liège en Maastricht. In dat opzicht is de directe treinverbinding tussen Aachen en Maastricht een maatregel die al veel eerder genomen had moeten worden om de hiaten in het grensoverschrijdende treinverkeer op te lossen. Dat deze verbinding er nu eind van dit jaar echt gaat komen, verwelkomen wij van harte! Onze visie voor een ‘Euregio Circle Line’ blijft echter staan, en daarom moet de Euregionale verbinding met Liège zo snel mogelijk tot stand worden gebracht.”

Het gebrek aan goed opgeleide vakmensen is in Duitsland echt een probleem. Kan een goed openbaar vervoer hierin ook voor meer uitwisseling en nieuwe impulsen zorgen? Kan de regio Aachen interessant zijn voor Nederlandse werknemers, en – andersom – Maastricht voor mensen uit Aachen?

“Infrastructuur en goede verbindingen zijn de allerbelangrijkste vestigingsfactor! En daartoe behoort ook een aantrekkelijk openbaar vervoer. De Euregio Maas-Rijn is onze gemeenschappelijke grensoverschrijdende economische ruimte. Toch moeten er nog grenzen worden geslecht. Dat lukt het beste wanneer de afstanden sneller overbrugd kunnen worden. Een grensoverschrijdende treinverbinding die goed aansluit op de rest van het (regionale) OV werkt als een katalysator voor verdere integratie van de economische ruimte en bevordert de grensoverschrijdende uitwisseling van vakmensen.”

Zal de directe verbinding met Maastricht een direct positieve invloed op de economie van Aachen hebben, of betekent het ‘slechts’ dat je makkelijker en goedkoper kunt gaan winkelen?

“Het is zeker waar dat de verbinding ook voor het winkeltoerisme interessant is. Dat geldt beide kanten op. De treinverbinding Aachen-Maastricht zal het gedeeltelijk ook moeten hebben van auto-forenzen. Daarom moet je ervoor zorgen dat mensen de trein pakken in plaats van de auto. Dit kun je bijvoorbeeld doen door aantrekkelijke aanbiedingen, digitale informatie, internationale tickets en een langdurige marketingcampagne. Beide steden zullen profiteren van de verbinding, mits de aankomst- en vertrektijden op aantrekkelijke wijze worden geïntegreerd in het transport dat de reizigers naar het station moeten brengen.”

Heeft u nog wensen voor andere internationale directe verbindingen met Aachen? Jaren geleden was er al een discussie met Deutsche Bahn over een ICE-station in Aachen. Ervaart u een bepaalde ‘periferie’ als het gaat om het lokale OV en Duitse nationale treinverkeer?

“Natuurlijk is voor de meeste treinen Aachen het eindstation. Ons station is nu eenmaal geen ‘hub’ in het nationale en internationale treinverkeer. Daarnaast heb je een lange adem nodig om dienstregelingen en infrastructurele randvoorwaarden te creëren voor grensoverschrijdende verbindingen. De hele missie kan bijvoorbeeld al mislukken door het ontbreken van een grensoverschrijdende elektrificatie. Toch zijn wij ervan overtuigd dat er een groot reizigerspotentieel zit in grensoverschrijdend grensverkeer met een station in Aachen. Als we daarop weten in te spelen lukt het ook om de verbinding rendabel te maken. Aachen is onder andere als universiteits- en conferentielocatie een aantrekkelijke bestemming én vertrekpunt voor treinverkeer. De huidige ICE- en Thalysverbindingen die stoppen in Aachen, bewijzen dat.

De IHK Aachen heeft een aantal jaar geleden op basis van een enquête al berekend dat er genoeg vraag is naar een doorgaande treinverbinding tussen Aachen en London, met name heel vroeg en heel laat op de dag: de trein is dan ook ten opzichte van het vliegtuig concurrerend omdat je dan in één dag heen en weer kunt. In dat opzicht is de vraag in hoeverre een treinverbinding aanslaat – naast de reissnelheid – ook afhankelijk van een goede integratie in de dienstregeling en de aantrekkelijkheid van de aanvoermogelijkheden naar het station. Voor een ICE-verbinding naar London zou echter ook een verbouwing van het Hauptbahnhof in Aachen nodig zijn, om zo de verplichte toegangscontrole te waarborgen.”

Aachen ligt middenin de Euregio, het drielandengebied van Nederland, België en Duitsland en werkt daardoor automatisch veel samen met Maastricht en Liège. Hoe ervaart u de grensoverschrijdende samenwerking met collega’s van de KvK’s in die landen?

“In de Euregio Maas-Rijn is er al tientallen jaren sprake van een goede samenwerking tussen de kamers van koophandel. Op onze gezamenlijke website www.euregiochambers.eu informeren we mensen over de mogelijkheden om een bedrijf te starten of partners te vinden. Bovendien publiceren we daar informatie over onze gezamenlijke evenementen. Bij de ‘IHK-Außenwirtschaftstag NRW’ op 20 september a.s. zijn de Euregionale kamers van koophandel met een eigen stand aanwezig. Wie binnen de Euregio op zoek is naar zakelijke kansen, moet echt even langs komen. En kijk dan van tevoren alvast op www.ihk-aussenwirtschaftstag-nrw.de.”

U zei het net zelf al: in het najaar is de 10e ‘IHK-Außenwirtschaftstag NRW’ te gast in Aachen. Hoeveel deelnemers verwacht u daar, hoe belangrijk is het thema ‘buitenlandse handel’ voor de regio Aachen, en welke rol speelt buurland Nederland daarbij?

“De tiende editie van de ‘IHK-Außenwirtschaftstags NRW’ vindt op 20 september plaats in de Eurogress, en we verwachten maximaal 1000 deelnemers, 50 gerenommeerde sprekers uit het bedrijfsleven en de politiek en 60 vertegenwoordigers van de Duitse ‘Auslandshandelskammer’ (KvK’s voor buitenlandse handel). De buitenlandse handel is voor de regio Aachen vanwege haar ligging in het drielandengebied natuurlijk van groot belang. Dit geldt niet alleen voor grote bedrijven en middelgrote productiebedrijven, maar ook voor kleine handelsondernemingen en dienstverleners.

Nederland is met afstand onze belangrijkste partner op het gebied van buitenlandse handel. Ruim 900 bedrijven die tot de KvK van Aachen behoren, onderhouden directe handelsrelaties met onze buren, vooral op het gebied van in- en uitvoer. De IHK stimuleert nauwe economische samenwerking door bijvoorbeeld het organiseren van netwerkbijeenkomsten van de Duits-Nederlandse Business Club en door regelmatige informatie- en voorlichtingsdagen. Ook bij de ‘Außenwirtschaftstag NRW’ zal Nederland een grote rol spelen. Een van de deelnemers is bijvoorbeeld Joost van den Akker, gedeputeerde van de provincie Limburg voor Economie en Kennisinfrastructuur, en tevens 2e plaatsvervanger van de Commissaris van de Koning. Daarnaast bieden wij de workshop “Van Frau Antje tot de ‘digital Dutchman: actuele economische trends in Nederland’ aan.”