eureka

kijken bij de buren van eurekarail: de wunderline

Wunderline zet zich in voor het verbeteren van een grensoverschrijdende treinverbinding: die tussen Groningen en Bremen. Projectleider Tjeerd Postma vertelt hoe een instortende brug nieuwe wegen opende en hoe hij de ‘Noorderlingen-humor’ deelt met de Duitse partners in het project.

Na vier jaar van onderzoek en draagvlak uitbreiden komt voor de Wunderline de deadline voor de besluitvorming in zicht. In februari 2019 wordt op basis van alle informatie definitief het besluit genomen over de realisatie van de Wunderline. De Wunderline stuurgroep bestaat uit de provincie Groningen, Land Niedersachsen, Freie Hansestad Bremen, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), DB Netz en ProRail. Er komt dan ook een slotconferentie om alle opgedane kennis te delen en te laten zien wat de vervolgstappen zijn.

De Wunderline tussen Groningen en Bremen Foto: Wunderline

Zeeschip vaart spoorbrug aan gort

Projectleider Wunderline Tjeerd Postma: “De realisatie van de Wunderline betekent dat de trein tussen Groningen en Bremen er vanaf 2024 twee uur en tien minuten over doet. Dat is 35 minuten sneller dan de huidige situatie en bij file sneller dan met de auto.” De reden dat we nog tot 2024 op de opening van de Wunderline moeten wachten, is die eerder genoemde brug.

Op 3 december 2015 vaart het zeeschip de Emsmoon tegen de spoorbrug over de Ems. Door het geweld van de aanvaring is de Friesenbrücke total loss. Postma: “Er is toen in Duitsland een enorme discussie op gang gekomen over het wel of niet herstellen van de brug. We hebben het namelijk over de grootste draaibrug van Europa, die een investering vraagt van 66 miljoen euro.”

De Friesenbrücke op 3 december 2015 Foto: Wunderline

Scherpere focus

“Het wegvallen van de brug betekende voor de Wunderline dat we geen vergelijkingsmateriaal hebben om het reizigersvolume te meten, want de verbinding per trein bestaat op het moment helemaal niet. In plaats van een pilottrein te laten rijden om het draagvlak te vergroten, houden we ons bezig met vervangend vervoer. Er rijden nu bussen van commerciële partners die altijd vol zitten, en we blijven eraan werken dat tijdelijke vervoer te verbeteren.”

“Het betekende ook, dat de focus van Wunderline scherper moest, nu er voor de Duitsers 66 miljoen op het spel stond. Wat begon met dat we als Nederland bij Duitsland aanklopten met onze ambitie, is uitgegroeid tot een breed gedragen project aan beide zijden van de grens.”

Over de Friesenbrücke wordt nu met bussen gereden. Foto: Wunderline

Groter dan een infra-project voor de regio Groningen

“We zijn gaan focussen op de Wunderline als onderdeel van het versterken van de sociaal-economische positie van het gebied Groningen-Bremen. De Kamers van Koophandel aan beide zijden van de grens, onderwijsinstellingen, de gemeenten langs de spoorlijn, zorginstellen, allemaal profiteren ze van een betere verbinding. Het is ook een stimulans voor toerisme en duurzaamheid. Daarom steunen ook de regionale politieke partijen de Wunderline. Door onze ambitie op deze manier aan te scherpen, namen we de vrees weg dat het een snelle goederenspoorlijn naar Rotterdam zou worden, die de Duitse havens zou beconcurreren.”

“Persoonlijk geloof ik ook echt dat het gebrek aan goede grensoverschrijdende verbindingen een gemis is. Van oudsher waren die er wel, maar met het uitgeven van concessies op landelijk niveau is de focus verschoven naar Intercity’s tussen de grote steden en een megaproject als de HSL. De kleinschalige lijnen die mensen in de grensstreken verbinden, zijn een beetje vergeten. De Wunderline brengt die terug, we hebben er bewust voor gekozen de regio te verbinden en niet voorbij te rijden. In het Duits noemen ze dat ‘Nahverkehr’ versus ‘Fernverkehr’ (treinen die weinig stoppen).”

Samenwerking met Duitsland

Postma, zelf een geboren Noordeling, herkent zich in het type mens en het gevoel voor humor van de Nedersaksen. Een groot verschil met Duitsland dat hij heeft ervaren is de regelgeving. Er moeten zoveel onderzoeken vooraf gaan aan besluitvorming over financiën, dat er eindeloos veel tijd overheen gaat. “De Duitsers zijn buitengewoon gründlich, in Nederland gaan wij daar wat flexibeler mee om. In februari zijn wij dan ook op zoek naar harde garanties over de financiën, infraprojecten in het verleden hebben geleerd dat het anders zo tien jaar lang stil kan liggen over de grens. De nieuwe, dure draaibrug heeft nu wel als voordeel dat men er na zo’n investering de best mogelijke treinverbinding overheen wil laten rijden,” besluit Postma.